De top van de internationale singer-songwriters

Blokfluitles

Muziekles was vroeger een privéaangelegenheid. Mijn moeder, ik moet eigenlijk zeggen ‘óns’ moeder, vond dat in ieder huishouden een piano moest staan en dat haar kroost muziekles zoniet balletles diende te krijgen. Zo werden wij allemaal onderworpen aan haar verlangen tot algemene ontwikkeling en ik moet eerlijkheidshalve zeggen dat het zaadje alleen bij mij gekiemd is.

Het is vooral de geur van de blokfluit die me het meest bij is gebleven, dat geoliede stukje hout in dat doosje met een vet borsteltje om hem schoon te maken. Ik herinner me ook het paadje met de hoge heg waar ik doorheen moest om naar de les te gaan. In mijn herinnering is het altijd herfst in dat paadje. Als alle andere kinderen buiten speelden, elkaars knikkers afhandig maakten, of ieders haktollen in tweeën probeerden te splijten liep ik onder een stormhemel met een gevoel van verplichting en vage belofte met mijn blaaspakketje onder de arm naar de blokfluitles.
Ik was zeven maar voelde me Beethoven de tweede, volgeling van die mijnheer met die frons die als buste vanaf de piano onze huiskamer bezwerend inkeek.

Dan de les. In een Van Goghachtig tafereel, lage lamp, brute Brabantse kop met sigaar -de leraar-, hoogpolig tafelkleed, de geur van koffie en gebakken ui, ‘juin’ moet ik zeggen, staarde ik naar dat open bolletje met een streepje erdoor. Vier tellen ‘do’. Zo kwam langzaam Vader Jacob tot leven. Een paar weken later bepaalde een soort letter ‘b’ vooraan in de notenbalk, dat het muziekje triest was. Een trieste melodielijn kwam er uit mijn fluitje. Ineens klopte de stormhemel en de duistere sprookjes die ik langzaam op school leerde lezen.

De blokfluit werd gaandeweg een piano en als jonge puber moest ik op een gegeven moment een blokfluitklasje begeleiden. Schril gepiep ondersteund door een hakkelende piano aanhoord door goedwillend knikkende ouders in een patronaatsgebouwtje.
Maar het mooiste meisje van het dorp zat in dat klasje. Haar zag ik ieder keer met een zelfde houten doosje onder de arm van en naar de les gaan. Licht gebogen tegen de wind in. De blik serieus, naar binnen gericht, omzoomd door stormachtige lokken. Need I say more…?